1. Algemene ontwikkeling
Het COELO onderzoekt jaarlijks de lastendruk met betrekking tot de gemeentelijke belastingen en heffingen. Het gaat om belastingen en heffingen die tot woonlasten voor gebruikers van woningen leiden (OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing).
In het volgende overzicht hebben we de cijfers uit de COELO-atlas 2019 opgenomen.
De uitgangspunten daarbij zijn:
- voor Oss ligt de gemiddelde WOZ-waarde tussen € 230.000 en € 260.000
- de landelijk gemiddelde WOZ-waarde is € 266.000
- het tarief voor de afvalstoffenheffing is gebaseerd op een container van 240 liter voor restafval in combinatie met een container van 140 liter voor GFT-afval.
- het tarief voor de rioolheffing bestaat uit het eigenaarstarief plus het gebruikerstarief van een woning.
Op basis van de cijfers 2019 ziet het overzicht voor Oss er als volgt uit:
Lastendruk standaardwoning 2019 | Oss | Landelijk werkelijk |
---|---|---|
Onroerende zaakbelastingen | € 296 | € 281 |
Afvalstoffenheffing | € 242 | € 263 |
Rioolheffing | € 169 | € 196 |
Totaal | € 707 | € 740 |
Uit deze cijfers blijkt dat de lastendruk in Oss in 2019 € 33 onder het werkelijke landelijk gemiddelde ligt.
2. Uitgangspunten tarieven
Het is ons beleid om de Osse lastendruk € 22,50 onder het landelijk gemiddelde te houden. Voor het landelijk gemiddelde gaan we uit van de cijfers van het COELO.
Onze uitgangspunten voor de tarieven in 2020 zijn:
- We wijzigen de tarieven voor de OZB alleen met een aanpassing als gevolg van de verwachte waardeontwikkeling.
- We verhogen de afvalstoffenheffing met 15% en de rioolheffing blijft gelijk.
- Op de tarieven voor de overige belastingen en leges passen we geen inflatiecorrectie toe.
In het vervolg van deze paragraaf gaan we uit van deze uitgangspunten voor de tarieven. De definitieve voorstellen voor de tarieven behandelt de gemeenteraad in december bij het vaststellen van de belastingverordeningen.
Uitgangspunten kostentoerekening aan heffingen en leges
Alle kosten, die direct toegerekend kunnen worden aan heffingen en leges, komen ten laste van deze producten. Voor indirecte kosten, ook wel overhead genoemd, is dit niet mogelijk. Deze indirecte kosten bestaan onder andere uit kosten voor ICT, huisvesting, inkoop en financiën. Deze kosten begroten we volgens de verslagleggingsvoorschriften (BBV) centraal in programma 10. Besturen in veranderende tijden. Voor het berekenen van tarieven brengen we een deel van de indirecte kosten ten laste van de tarieven. Dit doen we met een opslag van de overhead als percentage op de directe loonkosten. Dit is nu 80%. Voor de heffingen zien we het onderdeel BTW ook als kosten. Deze rekenen we daarom door in de tarieven.
Kostendekkendheid heffingen
In de volgende tabel laten we zien voor welk percentage de tarieven voor de afvalstoffenheffing en rioolheffing kostendekkend zijn.
bedragen x € 1.000 | ||
Omschrijving | Afvalstoffenheffing | Rioolheffing |
Netto kosten | 11.206 | 6.782 |
Overhead | 910 | 670 |
BTW | 1.343 | 1.017 |
Totale kosten | 13.459 | 8.469 |
Totale opbrengsten heffing | 12.591 | 8.469 |
Kostendekkendheid | 94% | 100% |
Kostendekkendheid leges
In de volgende tabel laten we de kostendekkendheid van de leges zien. Deze kostendekkendheid is gebaseerd op de uitgangspunten die we hiervoor beschreven hebben.
Omschrijving | Kostendekkendheid |
---|---|
Legesverordening Titel 1 | |
Geboorten, huwelijken en overlijden | 57,96% |
Gemeentelijke basisadministratie | 10,60% |
Reisdocumenten | 84,77% |
Rijbewijzen | 83,56% |
Legesverordening Titel 2 | |
Omgevingsvergunningen | 86,20% |
Legesverordening Titel 3 | |
APV en bijzondere wetten | 5,47% |
Marktgelden | 71,60% |
Overige leges | |
Begraven | 60,02% |
Binnen de legesverordening onderscheiden we zogenaamde titels. De mate van kostendekkendheid bekijken we op het niveau van deze titels. Binnen deze titels kan sprake zijn van zogenaamde kruissubsidiëring, bijvoorbeeld grote bouwwerken zijn relatief goedkoper dan kleinere bouwwerken.
3. Prognose lastendruk 2020
Bij de prognose voor de landelijke lastendruk zijn we uitgegaan van geen stijging van OZB en afval en riolering.
Lastendruk standaardwoning 2020 | Oss prognose | Landelijk prognose |
---|---|---|
Onroerende zaakbelastingen | € 296 | € 290* |
Afvalstoffenheffing | € 278 | € 278* |
Rioolheffing | € 169 | € 199* |
Totaal | € 743 | € 767 |
* stijging landelijk vergelijkbaar met stijging 2019.
4. Kwijtschelding
De in de wet geboden ruimte om het kwijtscheldingsbeleid vorm te geven gebruiken we maximaal, wat betekent dat de kwijtscheldingsnorm op 100% ligt. Kwijtschelding kennen we voor de volgende belastingen toe:
- Onroerende zaakbelastingen (na de afschaffing van het gebruikersdeel van de OZB op woningen komt deze vorm van kwijtschelding nog slechts een enkele keer voor)
- Rioolheffing
- Afvalstoffenheffing
- Hondenbelasting
In de volgende tabel staan de aantallen kwijtscheldingsverzoeken in de jaren 2018 en 2019.
Kwijtscheldingsverzoeken | 2017 | 2018 |
---|---|---|
Meerjarige kwijtschelding | 1.295 | 980 |
Incidentele verzoeken | 1.100 | 1.302 |
Totaal | 2.395 | 2.282 |
5. Overzicht belangrijkste belastingen en heffingen
Opmerking | Tarief 2019 | Tarief 2020 | ||||||
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Onroerende zaakbelastingen | ||||||||
- gebruikers niet-woningen | 1 | 0,2123 | 0,2123 | |||||
- eigenaren woningen | 1 | 0,1260 | 0,1260 | |||||
- eigenaren niet-woningen | 1 | 0,2627 | 0,2627 | |||||
Afvalstoffenheffing | 2 | € 241,80 | € 278 | |||||
Rioolheffing | ||||||||
- woningen | 3 | € 168,48 | € 168,48 | |||||
- niet-woningen | 4 | € 168,48 | € 168,48 | |||||
Hondenbelasting | 5 | € 55,80 | € 55,80 | |||||
(Water)toeristenbelasting | 6 | € 1,10 | € 1,10 |
Toelichting
- Het tarief 2020 is niet verhoogd. Er is nog geen rekening gehouden bijstelling van het tarief met de waardeontwikkeling.
- Het tarief is gebaseerd op het hebben van een grijze container met een inhoud van 240 liter en een groene container met een inhoud van 140 liter.
- Het tarief van € 168,48 is gebaseerd op de volgende uitgangspunten:
- € 140,28 voor een eigenaar van een woning
- € 28,20 voor de gebruiker (tot 125 m3).
- Voor kavels tot 1.000 m2 is het tarief voor niet-woningen gelijk aan het tarief van woningen. Bij een grotere kavel geldt een opslag op het basistarief.
- Het tarief is gebaseerd op het tarief voor de 1e hond.
- Het tarief voor toeristenbelasting is € 1,10 per overnachting. Het tarief voor watertoeristenbelasting is € 1,10 per persoon per etmaal, waarbij een factor voor de lengte van het vaartuig wordt toegepast.